Maand: juni 2021

50 jaar Koninklijk Atheneum Mortsel (KAM)

50 jaar Atheneum Mortsel

50 jaar Koninklijk Atheneum Mortsel (KAM)

50 jaar Koninklijk Atheneum Mortsel (KAM) werd gevierd in 2004. Dat resulteerde in dit boek. De auteurs breiden verder op een eerdere uitgave bij de 40-jaar viering. Zij vullen die aan met nog andere teksten om een beeld te schetsen van het schoolleven.

Eén en ander komt tot uiting in de opdeling: een eerste 90 pagina’s focussen op de stichting en evolutie van de school. De overige 40 pagina’s gaan over het schoolleven. Nog een vijftal pagina’s vullen aan met de ondersteunende verenigingen.

Doorheen de tekst is zeker de aandacht voelbaar voor de werking van de school, de sfeer, de ervaringen van de leerlingen, die eigenlijk de motor van een school zijn. Ja, er is aandacht voor de infrastructuur, de directeurs, het personeel. Maar geen resem ‘notabelen’ en ministers die passeren.

En dan het spijtige aan dit werk: er zijn foto’s opgenomen. Maar het grootste deel is verwerkt in een foto-Cd-Rom. En wie kan dat 20 jaar later nog openen? Papier blijft toch veel geduldiger dan die moderne media. Het omzetten van gegevens in dataland blijkt toch niet evident voor de ‘gewone lezer’, zelfs in archieven zorgt het voor hoofdbrekens.

Diverse auteurs, 50 jaar KAM in woord en beeld. Gedenkboek 1954-2004, Mortsel, 2004, 159 p.

Delen:
Het oude Grembergen in beeld

Het oude Grembergen in beeld

Het oude Grembergen in beeld

Uitgeverij Het Streekboek bracht in de jaren ’90 een hele reeks dorp-kijkboeken uit. Zij zocht daarvoor lokale verzamelaars of heemkundigen aan. Het oude Grembergen in beeld is eentje uit die serie.

De Werkgroep Geschiedenis Grembergen 135 beelden samen die een beeld schetsen van de verschillende wijken van het dorp. Ze worden voorzien van de nodige uitleg om één en ander te kunnen situeren. Het zwaartepunt ligt in de periode 1900-1940. Een paar recentere foto’s illustreren nog aanwezige oude merktekens of toen reeds verdwenen gebouwen.

Er zijn niet echt groepsfoto’s opgenomen, maar waar mogelijk werden mensen op de beelden geïdentificeerd.

Heel nuttig is het kaartje die het achterste schutsblad bezet. Daarop zijn de nummers van de foto’s aangebracht, zodat oriënteren heel makkelijk is. De verspreiding van de nummertjes op de kaart maakt tegelijk duidelijk dat de samenstellers hebben getracht materiaal van over de hele gemeente samen te brengen.

Alles is tamelijk groot afgedrukt in goede kwaliteit, zodat het aangenaam kijken is in plaats van turen naar te kleine prentjes.

De laatste twee foto’s gaan over de begrafenis van Grembergen op 26 december 1976. Op 1 januari 1977 ging deze gemeente immers op in Dendermonde.

Het oude Grembergen in beeld, Werkgroep Geschiedenis Grembergen, 1998, 96 p.

Delen:
Hoe zij groeiden technische scholen Vilvoorde

Hoe zij groeiden

Hoe zij groeiden technische scholen Vilvoorde

Er zijn twee titels nodig. Naast Hoe zij groeiden ook nog Geschiedenis der technische scholen van Vilvoorde (1864-1954) en van de oudleerlingebond der technische scholen van Vilvoorde 1904-1954. Dus 90 jaar school en 50 jaar oudleerlingenbond. Daar zijn al twee bladzijden voor gebruikt. De schrijver heeft ook drie voornaamletters nodig en de volle titel van “doctor in de geschiedenis”. Hoe hij dan met deze prul durft afkomen, is een raadsel.

Niet overtuigd? Het geheel telt 64 pagina’s. Daarvan zijn we er al 3 kwijt aan titelpagina’s. Nog een grafiek van het leerlingenaantal en een voorwoord van twee bladzijden. Vanaf pagina 39 echter beginnen de bijlagen. Resten er dus 39-3-1-2=33 pagina’s. De oudleerlingenbond neemt daarvan nog eens 11 pagina’s in beslag. Bilan: 22 pagina’. Het aantal bibligrafische verwijzingen is summier.  

Waarom deze opsomming? Om aan te halen dat een resem academische titels niet garant staat voor een goed heemkundig werk! Er waren toen toch veel meer mondelinge bronnen te vinden dan één dossiertje, zoals de auteur in het voorwoord zelf aanhaalt.

De waarde ervan? Door de ouderdom, nu bijna 75 jaar geleden, is het een historisch documentje op zich. De bijlagen geven het besluit tot oprichting van het stadsbestuur, drie reglementen en de statuten van de oudleerlingenbond uit 1921.

A. Verheyden, Hoe zij groeiden, Vilvoorde, 1954, 64 p.

Delen:
Oorlog in Woluwe

Oorlog in Woluwe

Oorlog in Woluwe

Oorlog in Woluwe is geen systematische studie van de jaren 1940-1944 in deze gemeente. Het is meer een resem anekdotes na elkaar. Grote gebeurtenissen, kleine gebeurtenissen, ernstige en lachwekkende feiten.

De auteur had een loopbaan als journalist achter de rug. Dat zal wel heel sterk meegespeeld hebben. De stijl van het boek benaderd nog het meest een stijl van het ene krantenartikel na het ander.

Doordat ze chronologisch worden gebracht, krijg je doorheen het boek toch een idee van de oorlogsjaren in Sint-Lambrechts-Woluwe. En de veelheid aan onderwerpen, allemaal verbonden met het dagelijks leven van de Woluwenaars, geven toch een serieuze inkijk in de tijdsomstandigheden.

Zo lezen we bij de klokkenroof hoe ze door slimme trucjes trachten tijd te winnen. Hoe het slachthuis bewaking nodig heeft. Over het Oostfront. Over het afdruipen van de Duitsers. Het ene feit na het andere passeert de revue, met de kleinmenselijke kanten.

De schrijfstijl is vlot. Spijtig dat bijna elke zin een “return” krijgt en op een nieuwe regel moet beginnen. Met daartussen nog eens interlinie voor de alinea’s. Het toont zo opstelachtig. Maar in zijn voorwoord geeft de auteur anderzijds aan zijn herinneringen, de getuigenissen van anderen die hij heeft vernomen en het beeld van zijn “verdwenen dorp” wil toevertrouwen aan het papier. Daarin is hij geslaagd. Wat betreft de raadpleging van archiefstukken, zoals hij aangeeft: jammer dat nergens wordt aangeduid wat welke gegevens ondersteunt.

Het boek is geïllustreerd met wat foto’s en documenten. Er verscheen tevens een Franstalige editie.

Leon Van Audenhaege, Oorlog in Woluwe, 1994, 208 p.

Delen:
Berlare. Genealogisch repertorium 1796-1900

Berlare. Genealogisch repertorium 1796-1900

Berlare. Genealogisch repertorium 1796-1900

Dit repertorium omvat de burgerlijke stand van de gemeente Berlare tot 1900. Twee jaar lang werkte Paul De Pauw aan dit overzicht, aangezien Berlare toch een uitgestrekte gemeente was.

Er zijn vijf delen. Drie delen omvatten het repertorium. Er is een apart deel met een algemeen personenregister. Een laatste deel  indexeert de huwelijken op naam van de man en op naam van de vrouw.

Elk entiteit (rond een gezinshoofd) krijgt een nummer. Maar er wordt niet onderling verwezen. Er staat wel: “zoon van”; maar het nummer wordt niet genoemd. Als iemand hertrouwd, wordt een nieuwe entiteit gemaakt, met herhaling van de gegevens. Misschien was het duidelijker geweest dat tot één geheel te verwerken. De generaties komen ook na elkaar, met een nummer tussen de streep boven de entiteit. Bij grotere families maakt dat alles wat minder overzichtelijk. Het is immers makkelijker alfabetisch te sorteren. Maar dat zijn keuzes binnen de mogelijkheden van de toenmalige verwerkingsprogramma’s. We geven het u immers te doen, het blijft een enorm werk.

De auteur werkt nauwkeurig. Maar steeds blijft: een repertorium zet op weg naar de akten…

Paul De pauw, Berlare. Genealogisch repertorium 1796-1900, 5 dln., VVF Dendermonde, 2002.

Delen:
De kerk van Diegem

De kerk van Diegem

De kerk van Diegem

De kerk van Diegem beheerst de vallei van de Woluwe met zijn gekroonde stenen spits. Vanop de ring zichtbaar, naar de hemel krabbend als om de vliegtuigen naar omhoog te stuwen zoals een vliegenmepper achter de vliegen zit.

Deze torenspits moest in de Tweede Wereldoorlog verdwijnen om de landingsbaan van Melsbroek vrij te houden. Bokrijk avant-la-lettre want steen per steen kwam hij naar beneden en het materiaal bleef opgeslagen tot na de oorlog.

De auteur zet bondig de bouwgeschiedenis van deze kerk uiteen. Hij verduidelijkt de structuur van het gebouw en de functie van de ruimtes, zoals het aangebouwd ‘kiekenkot’ dat diende om de levende dieren die de bedevaarders meebrachten onderdak te geven.

Daarnaast komt het interieur ruim aan bod. Niet alleen meubilair, maar ook gewaden, objecten, relieken, beelden en zerken. Hij haalt kort de pastoors aan die de kerk bedienden.

Dit boek is -zeker voor die tijd- zeer rijk geïllustreerd. Dat wat besproken wordt, is ook te zien.

Deze uitgave is moeilijk te vinden, maar de moeite waard.

J.-E. Davidts, De kerk van Diegem, 1963, 125 p.

Delen:
100 Jaar Glorieux-Instituut Oostakker

100 Jaar Glorieux-Instituut Oostakker

100 Jaar Glorieux-Instituut Oostakker

Het eeuwfeest van de stichting van de school van de Broeders van O.-L.-Vrouw van Lourdes te Oostakker is aanleiding voor dit boek. We schrijven dan 1987.

De auteur noemt het een lees- en kijkboek. Hij belicht inderdaad de aspecten van het schoolleven en kiest daarvoor een chronologische volgorde.

  • 1887-1914, met de figuur van Stefaan-Modest Glorieux, de stichting, de eerste groei, de onderwijsmethode, de beroepsschool Glorieux en de kostschool.
  • 1914-1940, met de Eerste Wereldoorlog, de Sint-Jozefschool, de groei naar vakschool, de KAJ, de kostschool en de opleiding in een eigen normaalschool.
  • 1940-187: de Tweede Wereldoorlog, de evolutie van lagere school naar oefenschool, de omvorming naar Technisch Instituut Glorieux, de Humaniora en het pedagogisch hoger onderwijs.

Een aansluitende deel handelt over het moederhuis en de broeders. Er is een namenlijst van de in de school en klooster tewerkgestelde geestelijkheid.

Een laatste deel geeft nog een paar bladzijden foto’s, met uitleg helemaal achteraan. Ongelukkig. Ja, het hele boek is geïllustreerd met onderschriften. Waarom die foto’s dan niet gewoon invoegen? De geestelijkheid wordt met naam genoemd, maar leerlingen op foto blijven onbekend. Ook spijtig. En sommige beelden mochten echt wel groter. Het deel ‘kijkboek’ laat toch een paar steekjes vallen.

In ieder geval brengt het boek de historiek van de school op een vlotte, aangename manier. De school is nog actief als EDUGO campus Glorieux.

Edesius Boerrigter (Sam.), 100 Jaar Glorieux-Instituut Oostakker, Oostakker, Diligentia, 1987, 212 p., ISBN 9070978059.

Delen:
Lier bezet en bevrijd. Een Vlaamse stad tijdens de Tweede Wereldoorlog

Lier bezet en bevrijd

Lier bezet en bevrijd. Een Vlaamse stad tijdens de Tweede Wereldoorlog

Vooral de politieke situatie in de stad Lier vormt de leidraad van deze studie. Scharnierend rond de oorlog van 1938 tot 1946. De auteur heeft dit onderwerp grondig onder de loep genomen, voorzien van voetnotenapparaat en bibliografie.

Hij deelt het werk in drie.

Een eerste deel (ca. 35 p.) gaat over de situatie van 1938 tot april 1940. Hij schetst de Lierse vooroorlogse politiek, de verkiezingen van 1938 en de evolutie van het bestuur en verenigingsleven.

Een tweede deel (ca. 60 p.) behandelt Lier en de Nieuwe Orde, van mei 1940 tot september 1944. Daarin bespreekt hij mei 1940; de Nieuwe Orde in de stad; “zwart” en “wit” en het verenigingsleven tijdens de bezetting.

Deel drie tenslotte (ca. 45 p.) heeft het over de bevrijdingsdagen met verzet en repressie; de polarisatie tussen links en rechts met o.a. de Koningskwestie; de verkiezingen van 1946 en het herstel van het socio-cutureel leven.

Een algemeen besluit vervolledigt het geheel. Dat ontbreekt soms wel in (heemkundige) werken. De auteur stelt vast dat de Tweede Wereldoorlog eigenlijk “op lange termijn” geen breukvlak vormde in de politiek van de stad. De vier politieke families van voor de oorlog zijn in 1962 weer allemaal vertegenwoordigd.

Een paar illustraties verluchten het boek.

Piet De Zaeger, Lier bezet en bevrijd. Een Vlaamse stad tijdens de Tweede Wereldoorlog, Leuven, Acco, 1995, 160 p., ISBN 90-334-3352-4.

Delen:
Tweehonderd jaar gendarmen in Maldegem 1796-1996

Tweehonderd jaar gendarmen in Maldegem

Tweehonderd jaar gendarmen in Maldegem 1796-1996

Over politie en rijkswacht is er al wat geschreven. Meestal werken op nationaal niveau die vlug uitverkocht waren. Er zijn immers genoeg geïnteresseerden en verzamelaars die wat meer willen vernemen.

Paul De Coninck bekeek de situatie op het niveau van de gemeente Maldegem. Een inleiding en een klein woord over de politiemacht in het Ancien Regime zet in. Dan volgt de eigenlijke geschiedenis in een aantal hoofdstukken: de Franse periode, de Hollandse periode, de Belgische periode tot 1914, de Eerste Wereldoorlog, het Interbellum, de Tweede Wereldoorlog en de moderne tijd. Tenslotte de demilitarisering van de rijkswacht in 1990/1991. De schrijver gaat de moeilijke periode van de oorlog met collaboratie niet uit de weg.

Elk deel is geïllustreerd met foto of archiefdocument. Het gaat in op de structuur en de belangrijkste gebeurtenissen voor die periode (schietpartij, sociale onrust,…) waar de ‘gendarmen’ mee werden geconfronteerd in Maldegem. Op het einde van het boek krijgen we de namenlijsten van de brigadecommandanten, van de keuronderofficieren en de onderofficieren.

Bij de gebruikte foto’s werden zoveel mogelijk namen toegevoegd. Er is een voetnotenapparaat. De gebruikte bronnen werden echter niet verzameld in een bibliografie.

Paul De Coninck, Tweehonderd jaar gendarmen in Maldegem 1796-1996, Maldegem, Heemkundige Kring Het Ambacht, 1996, 88 p., D/1996/1732/1.

Delen: