De Tram “L” Londerzeel-Brussel

Trein en tram roepen beelden op aan een samenleving waar de auto nog niet bij iedereen voor de deur stond. Zij speelden een cruciale rol in de ontsluiting van dorpen en steden in de ruime periode 1840-1960.

Daarna werden de buurspoorwegen aan de kant gezet, in een poging om ze te vervangen door nog meer bussen op nog meer vaste lijnen. Dat diezelfde bussen ondertussen ook stilstaan of toch eigen beddingen nodig hebben onder de vorm van busbanen, had toen  niemand kunnen vermoeden.

De Tram “L” Londerzeel-Brussel belicht de lijnen Humbeel-Brussel en Londerzeel-Brussel (Rogierplaats). Het is een verzameling van artikels die eerder verschenen, met aanvullingen.

De auteur brengt ten eerste de informatie uit de gemeentelijke administratie samen (1871-1896). Vervolgens heeft hij het over ‘De Tramlijn van Brussel naar Humbeek en Londerzeel”. Eigenlijk brengt hij daarin een doordruk van de Guides Illustrés des chemins de fer vicinaux. Ligne de Bruxelles à Humbeek et Londerzeel. Een soort reisgids met beschrijving van wat er onderweg te zien was.

Vervolgens komt de historiek van de lijn aan bod, van de aanleg over de elektrificatie tot de herstructurering en de laatste rit. Ook de vervangende autobusdienst hoort hierbij. Dat voor zo’n belangrijke onderdeel slechts zes pagina’s nodig blijken, is eerder magertjes.

Dan volgen maar liefst 70 pagina’s foto’s (veelal twee per blad) met een zinnetje uitleg. Het zijn bijna steeds beelden van de tram of de infrastructuur uit de tijd van toen. Een mooie verzameling iconografisch materiaal.

Twee uurregelingen, ca. 15 pagina’s krantenknipsels, twee pagina’s over het trampersoneel en een opsomming van de tramhaltes sluiten dit boek.

De auteur is een goede verzamelaar. Hij valt eerder onder het type heemkundige dat we collectioneur noemen. Hij brengt heel veel samen. Alleen missen we een beetje de meer uitgediepte historiek achter de beelden. Dat het hoofdstukje over het trampersoneel voornamelijk (of soms uitsluitend) genealogische gegevens bevat, bijvoorbeeld. En niet wordt uitgelegd wat ze deden. Hoe dat in zijn werk ging. Dat sommigen eerst met de achternaam worden genoemd in deze opsomming, en anderen eerst met de voornaam, komt bijvoorbeeld slordig over. Zelfs bij een bundeling van eerder verschenen teksten met aanvullingen, is het toch niet te veel gevraagd één en ander beter aan mekaar te rijgen.

Toch kunnen we er niet aan voorbij dat meer van deze werken mogen verschijnen: ze leggen zoveel beeldmateriaal en documentatie over één onderwerp vast, dat ze zeker verdienstelijk blijven voor alle geïnteresseerden in tram- en treinwezen en voor een lokaal publiek.

Alfons Moeyersons, De Tram “L” Londerzeel-Brussel, Londerzeel, 2020, 124 p., ill.

Delen:

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *