Toponymie van Opwijk Lindemans

Dit werk dateert van 1930, stilaan bijna 100 jaar oud. En deze studie blijft een meesterstuk. Jan Lindemans, een man met een indrukwekkend repertoire, wijdde de eerste titel van de reeks Nomina geographica Flandrica aan zijn geboortedorp Opwijk. Er zou van zijn hand nog een deel verschijnen, het vijfde, over de toponymie van buurdorp Asse.

Ruim 1500 namen brengt de auteur samen, met aanduiding waar ze voorkomen en eventueel bijkomende verklaring. In een tweede deel somt hij ze op per kadastrale ligging. Dat neemt maar een paar bladzijden in beslag, zodat alles efficiënt bij elkaar te vinden is.

Heel interessant is het overzicht van het materiaal. Een eerste reeks betreft historische aardrijkskunde, met waterlopen, bodemgesteldheid, bos, onbebouwd land (heide, dries, eusel), broek, meers en weiland. Akkerland omvat kouter (met ‘as’ en ‘ing’ als gemeenschappelijk land), veld, land en stuk. Verder heiningen en slagbomen (perre, vrijt, bocht, blok, veken, hamei, stichel, hekken), tuinbouwland en woningen. De verkeerswegen, gehuchten en vijvers en putten sluiten het geheel.

De taalstudie omvat een tweede deel: klanken, verbuigingen, woordenschat.

De plaatselijke geschiedenis en cultuurgeschiedenis komen ook aan bod. Verder nog aandacht voor dieren en planten in de Opwijkse toponymie.

Een uitklapbare kaart brengt één en ander in beeld en is zeker een meerwaarde.

Dit werk is héél moeilijk te vinden, net zoals de andere delen van de reeks. Zeker niet twijfelen als je ze ergens tegenkomt, ze zijn een meerwaarde in je bibliotheek.

Lindemans, Jan, Toponymie van Opwijk, 1930, 220 p.

Delen:

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *