Madame est servie

Diane De Keyzer heeft een eigen manier van vertellen. Haar boeken zijn een aaneenrijging van getuigenissen. Die weeft ze aan elkaar met als rode draad een thema uit het te bespreken onderwerp.

Niet dat daarnaast geen bronnen aangeboord worden, integendeel. Uit het geheel spreekt een gedegen kennis van het onderwerp. Dat is ook nodig. Want wie gericht wil gaan interviewen, moet weten welke vragen te stellen. Moet al voorkennis bezitten.

Het spreekt voor zich dat Diane De Keyzer een geboren gesprekspartner moet zijn. Uit de vele getuigen die zij raadpleegt, weet ze dat te destilleren wat nodig is om een onderwerp te bespreken dat achter de coulissen afspeelt. Haar werk over de engeltjesmaaksters bijvoorbeeld. Niet iets waarmee men te koop liep en zeker niet iets dat veel archiefsporen heeft achtergelaten. Haar interesse omtrent keuken en koken. Rond seksualiteit, in “De schaamte, de schrik, het genot en de goesting”.

Maar haar bekendste werk is toch wel “Madame est servie”. Op een doorgedreven manier tracht de auteur het leven van het dienstpersoneel te schetsen (vooral dan het huispersoneel) vanuit hun standpunt. Kamermeid, keukenmeid, tafelknecht, chauffeur, kindermeid, gouvernante en tuinman: allen droegen bij tot het huishouden. De rol van “madame”, huisvesting, kleinmenselijkheid, diners en talloze andere zaken komen aan bod. Telkens worden beweringen gestaafd en gestoffeerd met getuigenissen.

“Madame est servie” werd een succes. De vlotte schrijfstijl en gefundeerde onderbouw stonden daar borg voor. Afbeeldingen zijn er, maar niet veel. Maar dat is in dit geval niet echt nodig. Dit boek heeft duidelijk laten zien dat in het sociale leven, de dagdagelijkse bezigheden en de beslotenheid van het huis heel wat elementen aanwezig zijn om bij te dragen tot de mentaliteitsgeschiedenis van het Vlaanderen van de 20ste eeuw. Dankzij De Keyzer die de koning opzij schoof en het woord gaf aan de mensen “downstairs” raakte dit element van het verleden niet vergeten.

Diane De Keyzer, “Madame est servie”, Leuven, 1995, uitgeverij Van Halewijck, 375 p., ISBN 9789461310293.

Delen:

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *